Maart 2020 

Ik zag een man

verwelkte rozen

Een volgende dag

Terwijl de natuur steeds mooier wordt, wordt de psyche steeds donkerder. Cijfers stapelen zich op, veranderen, vermeerderen. De minister van volksgezondheid valt flauw in het parlement. Koning Willem maant ons tot voorzichtigheid en zegt dat als we niet in staat zijn om het coronavirus tot stilstand te brengen, dat wel kunnen met het virus van de eenzaamheid.

De premier spreekt de natie toe in een historische toespraak over corona, zoals Den Uyl jaren geleden tijdens de oliecrisis. De regels worden strenger en er komen boetes voor diegenen die zich er niet aan houden.

Gisteren iets nieuws.

Bij de post zat een regenboogkaartje van de tandarts die ons een goede gezondheid wenst en vraagt naar de gezondheid van mijn naasten in Italië. Een onverwacht teken van vriendschap.

Vanochtend bezoek van Pierre, een vriend van Huub. Hij vroeg om een cappuccino en een beetje gezelschap (eigenlijk vooral dat laatste). Op gepaste afstand hebben we samen koffie gedronken.

Via mijn mobiele telefoon geappt met Marco en Mara, maar het lukte niet om Kathie te bereiken. We zullen zien in de toekomst.

 

Vandaag een beetje saaie dag, behalve dan het dagelijkse bezoek van Chiarangela, die nu vertrekt met de wekelijkse boodschappenlijst. En het nieuws dat onze andere kleindochter een Vespa heeft gekocht waarmee ze vanavond vanuit Nijmegen naar Horst wil rijden.

Mijn vogelvrienden hebben mij verlaten. De koolmeesjes komen niet meer op het raam pikken om te waarschuwen dat de voedselvoorraad op is en ook de waterkommetjes bij het raam waarin ze zich wassen en waaruit ze drinken blijven ongebruikt; op de velden ligt water dat nog niet door de verzadigde grond is opgenomen. Alleen het roodborstje wandelt heel alleen onder het keukenraam. Ondertussen is de vrouw van een neef van H. van het ziekenhuis in Venlo naar het ziekenhuis van Rotterdam getransporteerd … en vandaag werd de stilte op straat twee keer onderbroken door de sirene van een ambulance.

Gisteren is er iets gebeurd dat ik nog nooit gezien heb, 28 maart. Een verlaten Sint-Pietersplein in de stromende regen, de paus, een persoon gebukt onder de pijn van de wereld. De speciale zegen Urbis et Orbis bereikt ons via de televisie. Triest.

Langs elektronische weg bereikt ons ook het nieuws dat ons achternichtje herstellende is, maar nog steeds erg ziek. Zij heeft het tenminste overleefd.

Mari stuurde me een hartverscheurend gedicht:

Ik zag een Man – Ho visto un Uomo 

Ik zag een Man

gekleed in het wit

moe

onder de stromende regen

en in de ijzige wind

langzaam omhoog lopend

naar het altaar

vol van verdriet

en lijden

maar ook van hoop.

 

Ik zag een Man

oud

mank

de vele trappen naar boven

met op zijn schouders

het leed van de wereld.

Ik zag een Man

geconcentreerd

in stilte

vurig

in zijn gebed

om vergiffenis vragend

voor de zonden

van de mensen

en om hun redding.

 

Ik zag een Man

mens onder de mensen,

uittorent

boven iedereen

en biddend

voor iedereen.

Ik zag een Man

die zei

“ Niemand kan zich alleen redden”

want

wij zijn niet alleen

als we geloven

in God

en in zijn redding.

 

Ik zag een Man

die,

samen met iedereen overal ter de wereld

zich zal redden

omdat hij geloofde

en zal geloven

voor altijd.

 

Verder lezen in de Coronakronieken

  • Deel 1: wat nu?
  • Deel 3: de bloem wordt duur betaald
  • Deel 4: roekeloze Italianen
  • Deel 5: de Peel staat in brand
  • Deel 6: In mei leggen alle vogeltjes een ei
  • Deel 7: Aan alles komt een eind.
Ivana Fattori
Nu dat de meeste Coronamaatregelen in Nederland zijn opgeheven, leek het mooi om terug te kijken hoe ‘we’ de eerste lockdown in 2020 beleefd hebben met de ‘Coronakronieken’.
 
Dit is het dagboek bijgehouden door mijn moeder, Ivana Fattori, van maart tot en met half juli 2020. Ivana is 89 jaar oud, lerares Italiaans, woont in Horst aan de Maas en is in Soave, Italië geboren.

 

Misschien vind je dit ook interessant?

error: Content is protected !!

Pin It on Pinterest

Share This